Publicaties Herdenkingskrant Het gaat om echte aandacht

Het gaat om echte aandacht

Sam Owusu kwam uit Ghana en woonde op de 5e etage van Kikkenstein op huisnummer 216 toen hét gebeurde wat op menig Bijlmerbewoner zijn uitwerking heeft behouden.
In de vroege avond van 4 oktober 1992 was hij thuis.

Hij was een directe getuige van het aanvliegen van het ramptoestel, dat zich min of meer loodrecht in Kruitberg boorde en explodeerde. Zijn eerste gedachte was dat het vliegtuig op zijn flatgebouw terecht was gekomen. In paniek vroeg hij zich af waar hij zo gauw naar toe moest. Hij vluchtte uit huis en rende via de trappen naar buiten.
Hij prees zich als vader gelukkig dat zijn kinderen niet thuis waren. Over zijn vrouw hoefde hij zich geen zorgen te maken. Hij was enkele maanden eerder gescheiden. Beneden was daar de confrontatie met vuur en vlammen en angstige, ontredderde mensen. Hij sprak een landgenote. Een moeder die haar drie kinderen voor haar ogen zag doodgaan en niets kon doen.

Logboek

Diezelfde avond kwam het bestuur van Stichting Sikaman bij de penningmeester in diens woning in Gein bijeen. Deze Ghanese instelling richt zich vooral op maatschappelijk werk. Sikaman betekent land van goud, ontleend aan de Goudkust.

De bijeenkomst draaide rondom de centrale vraag 'Wat te doen?' De organisatie is zich vooral gaan toeleggen op contact met de politie en verwijzing van slachtoffers. Ondermeer naar het Gezondheidscentrum Gein, dat gratis behandeling heeft gegeven. Ook zijn er veel contacten geweest met De Witte Jas, een gezondheidswinkel in het centrum van Amsterdam. Anderen kwamen onder behandeling aanvankelijk bij het Riagg en nu De Meren. 'Er zijn nog steeds mensen onder behandeling. De klachten blijven: slecht slapen, lichamelijke en geestelijke pijnen, schreeuwen... ze zijn nog steeds bang'.

Owusu (nu 52 jaar) toont een logboek over de periode oktober 1992 tot maart 1993, dat medewerkers van Sikaman in het eerste jaar na de ramp hebben bijgehouden. Alle Ghanezen in die buurt zijn bezocht. Sommigen hadden een paspoort, maar waren dat kwijtgeraakt. Nauwgezet werd aangetekend hoe hun omstandigheden waren en wat er aan hulp nodig was.

Wie is slachtoffer…?

Onder de 43 geïdentificeerde omgekomen mensen waren negen Ghanezen. Familieleden in Ghana heeft men, waar mogelijk, proberen te achterhalen met hulp van de Nederlandse ambassade in Accra, de Ghanese ambassade in Brussel, inmiddels in Den Haag gevestigd. Sommige familieleden in Ghana meenden dat een omgekomen neef, nicht of anderszins in Oeganda zat. Er kwam familie over uit Ghana. Als tussenpersoon heeft Nana Yaa Adu–Ampomah, die later raadslid werd en inmiddels is overleden, een belangrijke rol gespeeld.

'Tot nu toe zijn wij er mee bezig: vervolgt Owusu. 'Nog steeds hebben we met mensen te maken met ziekten en klachten die terug te voeren zijn op hun ervaringen van toen.' Hij spreekt over verschillende mensen die vreselijke dingen hebben meegemaakt.

Mensen die alles hebben verloren. Niet alleen mensen die de ramp hebben zien gebeuren, zijn slachtoffers, stelt Owusu. Iemand die niet thuis was, maar bij thuiskomst wel werd geconfronteerd met gevolgen in zijn of haar gezin, familie, moet als slachtoffer worden beschouwd. Ook zo iemand zit met verwerking van een gebeurtenis die hem 'of haar direct aangaat.

'Mensen blijven ziek ook na al die jaren, zij hebben hun baan verloren, zij willen iets horen. Sam geeft aan dat politici de klachten niet serieus nemen: 'dat gevoel is er nog steeds. En dan blijft ook nog de onbeantwoorde vraag: wat zat er in dat vliegtuig, wat is er in de grond terecht gekomen...? Je komt er nooit helemaal achter.'

Terugkeer illegalen

De Stichting Sikaman speelt nog steeds een uiterst belangrijke rol bij de ondersteuning van de Ghanese gemeenschap. Er zijn 12 fulltime medewerkers. Met uitzondering van de office–manager, die in vaste dienst is, gaat het om Melkertbanen. Omdat de (nabije) toekomst van de Melkertbanen onzeker is, is het nog de vraag of Sikaman op dezelfde manier kan doorgaan.

Er komen gemiddeld 15 cliënten per dag met hun allerlei problematieken: vragen over financiën, kinderen, jongerenhuisvesting, school, gezondheid, enz. Ook worden Ghanezen geholpen die terug willen keren naar Ghana. Dit gebeurt in samenwerking met de IOM, de International Orqanization for Migration. Vorig jaar keerden 12 mensen terug, dit jaar zijn het er tot nu toe 7. Het gaat om mensen zonder 'werk, inkomen en verblijfstitel. Illegalen willen graag terug. Wij bemiddelen ook bij projecten in Ghana'.