Publicaties Herdenkingskrant Het verdriet kende geen kleur

Het verdriet kende geen kleur

Dat saamhorigheidsgevoel moeten we vasthouden in de Bijlmer

Stadsdeelvoorzitter Elvira Sweet werkte tien jaar geleden als manager bij het jongerenwelzijnswerk in de Bijlmer. Ook op haar heeft de ramp een onuitwisbare indruk gemaakt.
Ze begrijpt daarom dat ook tien jaar na dato nog veel Bijlmerbewoners met de ramp bezig zijn. Maar met het slachtofferdenken wil ze korte metten maken. Je moet juist kijken naar hoe de ramp de wijk sterker gemaakt heeft.

'Toen het gebeurde was ik op vakantie. Op Malta. Ik werd gebeld uit Nederland dat er iets vreselijks was gebeurd en dat ik naar het nieuws moest kijken. En het was binnen een paar minuten wereldnieuws. Ik heb wat er gebeurd is in de Bijlmer op de Maltese televisie gezien. Rillingen. Klam, koud. Dit kon gewoon niet waar zijn.' Elvira Sweet werkt in 1992 aIs sectorhoofd jongerenwerk bij BZO in Amsterdam Zuidoost. Als ze drie dagen na de ramp weer in de Bijlmer terugkeert, spoedt ze zich meteen naar De Nieuwe Stad, van waaruit de hulpverlening door BZO gecoördineerd wordt. 'Er is ontzettend veel gedaan, ook vanuit het jongerenwerk, om hulp te bieden bij de registratie van de slachtoffers en te zorgen dat mensen begeleid werden. Vooral de geestelijke opvang van de mensen was belangrijk.

Straf

Ze ervaart de weken die volgen als een roes. 'Een zware en hectische tijd. Sommige dingen staan me nog helder voor de geest. Zo'n week na de ramp, kwam er in De Nieuwe Stad een Surinaamse vrouw huilend naar me toe. "We hebben al zo veel problemen hier", riep ze uit. 'En nu ook nog dit! God straft ons.' Zij staat me bij als de dag van gisteren. Maar toch hebben we soms ook wel gelachen, hoor. Op een gegeven moment had C&A allerlei spullen gegeven. Kleren voor de mensen die niets meer hadden. Maar deze wijk is zo arm, dat er ook allerlei andere mensen op af kwamen die ook wel nieuwe kleren konden gebruiken. En Novotel had gratis hotelruimte aangeboden. Opeens was iedereen slachtoffer en moest iedereen naar Novotel.

We hebben maar om ze gelachen, vooral omdat we natuurlijk veel mensen kenden en ze soms gemakkelijk konden ontmaskeren. Je kunt natuurlijk boos worden op degenen die de boel probeerden te belazeren, maar mensen doen dat ook niet zomaar. We kenden hun problemen.

Elvira Sweet is niet naar de rampplek gaan kijken. 'Naar de puinhopen gaan kijken, was voor mij geen issue. Dat liet ik maar aan de ramptoeristen over. Het was voor mij veel belangrijker om te weten hoe het met de mensen ging.

Een goede herinnering is ook de speciale nieuwjaarsreceptie van de gemeente Amsterdam. 'Het was voor het eerst dat zo'n receptie 'ingekleurd' werd. Een gebaar van de toenmalige burgemeester, Van Thijn. Alle hulpverleners en anderen die zich rond de ramp hadden ingezet, werden uitgenodigd. Dat was heel bijzonder. Pa Sem heeft bij die gelegenheid een speldje uitgereikt gekregen van de gemeente.

De Bijlmerramp is een dusdanig ingrijpende gebeurtenis geweest, dat het tot op de dag van vandaag bij Bijlmerbewoners nog heel erg' leeft. Er ligt nog behoorlijk wat emotie. Velen hebben bijvoorbeeld nog steeds twijfels wanneer ze last hebben van fysieke klachten. Ook de Bijlmer–enquête heeft opnieuw veel losgemaakt.

Zuidoost heeft altijd een goed medisch onderzoek gewild, en ook nu nog is·dat nog steeds een issue. Ondanks dat er ook rond het onderzoek nog veel te doen is, omdat veel meer mensen zich hadden gemeld met klachten en er zich een derde weer heeft teruggetrokken, is het belangrijk dat er ooit uitsluitsel komt.' Intussen probeert het stadsdeel ook zelf een bijdrage te leveren. 'Dit voorjaar is er nog een onderzoek geweest in de omliggende flats, waarin de ventilatiekanalen zijn onderzocht op de aanwezigheid van gevaarlijke stoffen. Gelukkig is hier niets aangetroffen.

Universeel

Sweet is ondanks alles tevreden met de manier hoe het stadsdeelbestuur de hulpverlening heeft gecoördineerd. Natuurlijk zijn er lessen uit te leren van zaken die niet goed gingen. Je bent tot meer in staat op het moment dat een ramp zich voltrekt. Ze heeft het idee dat de klachten die bewoners hebben meer de Rijksoverheid betreffen. 'Je hoort soms mensen zeggen dat de klachten na de Volendamramp veel eerder serieus genomen zijn dan hier.' 'Maar', tekent ze aan, 'dat vind ik ook de tragiek van de mensen hier. Tijdens de campagne heb ik dat ook twee keer meegemaakt. Een keer dat iemand riep dat het bestuur de klachten van de mensen absoluut niet serieus nam. En een keer: ‘Nou, als het Volendam was, zou er al lang iets zijn gebeurd. Maar wij zijn geen mensen, hè?' Dat slachtofferdenken stoort me. 'Men heeft geleerd uit de fouten na de Bijlmerramp. En met elke ramp die erop gevolgd is, zijn ook de inzichten uit de Bijlmerramp gebruikt.

De Stichting Beheer Het Groeiend Monument wil dat het monument ook in de toekomst een rol van betekenis houdt. De ramp was verschrikkelijk. Toch ontstond na de ramp een gevoel van saamhorigheid en lotsverbondenheid in de Bijlmer. Naast het feit dat het monument de slachtoffers herdenkt, moeten er ook activiteiten worden ontplooid die uitdrukking geven aan die 'symboliek. Hoe zou dat kunnen?

'Ik geloof dat het collectief rouwen, dat elk jaar gebeurt, de saamhorigheid wel vergroot in deze wijk. Het is altijd heel bijzonder. Ik denk dat het nu, na tien jaar, inderdaad tijd is om na te denken wat we nog meer kunnen met het monument, en met de gedachte achter het monument. Het samen naar een plek gaan om te gedenken, en ook na te denken over het samen delen van rouw, vind ik in dit gebied nog steeds erg belangrijk. Want verder is saamhorigheidsgevoel hier vaak ver te zoeken. Tot mijn spijt constateer ik, nu ik na jaren weer terug ben in Zuidoost, dat groepen hier behoorlijk langs elkaar heen leven. Mensen delen wel een wijk, een omgeving, maar als je bijvoorbeeld kijkt naar het uitgaansleven zie je dat het allemaal nog behoorlijk gescheiden is. Als je leefbaarheid in de buurt wil bereiken, moet je inzien dat je veel meer met elkaar kunt delen. Ik denk dat het gezamenlijk herdenken van de ramp, en het stilstaan bij de gedachte van saamhorigheid, heel belangrijk zijn.

Besef dat het verdriet wat je deelt universeel is

Wat denkt u over de plannen van de Stichting om een ontmoetingsruimte in te richten bij het Groeiend Monument, zodat er activiteiten ontplooid kunnen worden die de symboliek van de ramp onderstrepen?

Als er, niet alleen vanuit de Stichting, maar ook vanuit de bewoners zelf, de behoefte is voor dergelijke activiteiten, staan we daar uiteraard positief tegenover. Het moet wel vanuit de mensen zelf komen. Als ze aangeven dat ze de verwerking van de ramp willen omzetten in andere activiteiten, willen we dat serieus overwegen. Ik vind het ook heel goed dat scholen nog altijd activiteiten ontwikkelen voor hun leerlingen, zodat ze niet vergeten wat er gebeurd is, maar ook hoe je toch uit die ramp kunt groeien, als gemeenschap.

'De ramp is ook niet kleurbepaald. Iedereen lijdt. Dat is iets wat heel wezenlijk is in deze buurt, waarin altijd de zwart/wit tegenstellingen op de spits gedreven worden. Hier zie je dat verdriet geen kleur kent. Wit, zwart, iedereen heeft dezelfde oer–emotie: Dit is erg. Dat was de saamhorigheid, het besef dat het verdriet dat je deelt universeel is.'